Interactieve mode

Als technologie en kleding samenkomen gebeuren er spannende dingen

  • Door: Fenna Canters (Noorderlicht)
Categorieën:
Beta & Tech
Mens & Maatschappij
solar fiber rok detail
Vergroten
solar fiber rok detail
Solar Fiber: een stof die fungeert als zonnepaneel.

Een jasje met garen dat functioneert als zonnepaneel, of een T-shirt met sensoren voor tijdens het revalideren. Het klinkt als sciencefiction, maar deze modetechnologische toepassingen zijn dichterbij dan u denkt.

solar fiber rok detail
Zoom
solar fiber rok detail
Solar Fiber: een stof die fungeert als zonnepaneel.

Marina Toeters is docent aan de Technische Universiteit Eindhoven (TU/e) en modetechnoloog, al is ze zelf de eerste om deze titel te nuanceren. ‘Als modetechnoloog maak ik draagbare dingen waarbij technologie waarde toevoegt aan mode. De bizarre, spacey dingen waar mensen aan denken als ze het woord modetechnologie horen, daar hou ik me absoluut niet mee bezig, ik ben op zoek naar functionaliteit. Kleren die je niet meer hoeft te strijken vind ik veel interessanter dan de ondraagbare, kunstzinnige kledingstukken waardoor de term bekendheid krijgt.’

De opleiding Wearable Senses waar Toeters les geeft is een van de zeven thema’s binnen de faculteit Industrial Design van de TU/e en dit thema concentreert zich op interactieve producten op en dicht bij het lichaam. Naast haar docentschap wil Toeters met haar bedrijf by-wire.net modetechnologie beschikbaar maken voor de maatschappij. ‘Met mijn werk heb ik het idee midden in het web te staan tussen modeontwerpers en technici, en daar sta ik graag. Van beide werkvelden heb ik genoeg kennis om met de experts te kunnen communiceren, maar het moeilijkere werk laat ik graag aan de vakidioten over.’

Pauline van Dongen is zo’n vakidioot. Na haar master aan het Fashion Institute Arnhem richtte zij in 2010, pas 24 jaar oud, haar eigen modelabel op, waarmee ze kleding maakt met een cleane en minimalistische uitstraling. ‘Mijn kleding is experimenteel en innovatief. Technologie verandert ons leven en kleding is zeer geschikt om die verandering te incorporeren, mode en technologie vind ik dus een logische combinatie.’

Van Dongen lijkt hiermee de uitzondering op de regel, want volgens Toeters komt 95 procent van de samenwerkingsvoorstellen die bij by-wire.net binnenkomen, uit de technische hoek. ‘Technici lijken de noodzaak van samenwerking beter te begrijpen,’ aldus Toeters. Beide vrouwen denken dat dit ligt aan een manco van de modeopleidingen.

Van Dongen: ‘De opleidingen lopen achter, er moet veel meer aandacht besteed worden aan interdisciplinaire samenwerking. Het is niet zo gek dat weinig afgestudeerde modeontwerpers deze richting uit gaan, als ze het nog nooit zijn tegengekomen. Wat mij betreft is innovatie de enige weg vooruit, ontwerpers die zich alleen maar blijven toeleggen op de traditionele methodes, zullen in de problemen raken.’ Toeters gaat nog verder: ‘Als modeontwerpers niet innoveren, hebben technici over enkele decennia hun taak overgenomen.’

Revalidatieshirt

Wat levert deze symbiose tussen modefreaks en tech-nerds op? Martijn ten Bhömer, promovendus bij Wearable Senses, doet onderzoek naar interactieve producten op en rond het lichaam. Dit doet hij in het kader van het CRISP Smart Textile Services Project, dat het productieproces van modetechnologische producten in kaart probeert te brengen. Door twee interactieve producten te ontwikkelen, onderzoekt Ten Bhömer hoe verschillende partijen die een rol spelen in het productieproces bij elkaar gebracht kunnen worden en hoe het productieproces versneld kan worden. Zijn onderzoek richt zich op hoe textiel en technologie een product kunnen opleveren dat waardevol is in de ouderenzorg. Een van de producten die in dit onderzoek ontwikkeld worden, is een zogenaamd revalidatieshirt voor ouderen.

Ten Bhömer: ‘Dit T-shirt trekken ouderen aan wanneer ze fysiotherapeutische oefeningen doen. In het shirt zitten sensoroppervlaktes verwerkt die de bewegingen registreren en zo de oefeningen leuker maken. Bovendien kan op basis van de registraties ook worden beoordeeld of de oefeningen goed uitgevoerd worden.’ Het eerste prototype van dit shirt wordt momenteel getest en in deze eerste fase is vooral gelet op de plaatsing van de sensoroppervlaktes. Ten Bhömer heeft nauwelijks textielkennis, dus bij de textielkeuze en het esthetisch aantrekkelijker maken van het product, wordt de hulp van Van Dongen ingeroepen.

‘In het begin is functionaliteit het belangrijkste, maar nu dat in principe goed is, gaan we onderzoeken welke stof het best gebruikt kan worden. Het product moet uiteindelijk immers wasbaar zijn, zo lang mogelijk mee gaan en voor een redelijke prijs geproduceerd kunnen worden. De mensen die het shirt getest hebben zijn enthousiast, dus ik denk dat het realistisch is om te zeggen dat het uiteindelijk op de markt komt. Maar er moet wel eerst nog veel onderzoek gedaan worden.’

Stof die je telefoon oplaadt

Toeters is bezig met de ontwikkeling van Solar Fiber: een stof die fungeert als zonnepaneel en waarmee je bijvoorbeeld je telefoon kunt opladen terwijl je onderweg bent. ‘We hebben een jasje gemaakt met heel kleine zonnepaneeltjes erop en dat werkt al. Maar het jasje zit nog niet fijn, want het bestaat uit allemaal kleine plastic plaatjes. Daarom zijn we ook bezig met de ontwikkeling van een garen waarop silicium verdampt wordt. Silicium is de stof die wordt gebruikt in zonnepanelen, en als we die weten te verdampen op het garen, kun je een lekker zittend jasje maken dat zonne-energie oplevert.’

Wie zo’n jasje graag in zijn kast zou hebben hangen, moet wel nog even geduld hebben, want volgens Toeters zou dit garen er pas over een jaar of twee kunnen zijn. ‘Dat betekent dat het over vijf jaar in de winkels ligt. Als ik Solar Fiber over tien jaar bij de Zeeman zie, is mijn missie geslaagd.’

Solar Fiber ligt dus met een beetje geluk over vijf jaar in de schappen en ook het revalidatieshirt van Van Dongen en Ten Bhömer komt er niet voor 2015. Het blijft dus toekomstmuziek, al is het dan op kortere termijn mogelijk dan de consument nu denkt. En hoewel ongetwijfeld draagbaar en functioneel, het klinkt nog steeds erg futuristisch. Gaan mensen deze kledingstukken wel aanschaffen?

Toeters erkent dat acceptatie bij de consument een belangrijke stap van concept naar daadwerkelijk product is. ‘Modetechnologische producten moeten niet als gadget in de markt gezet worden, maar als mode. Probeer het eens via de catwalks; als daar bijvoorbeeld een jasje van Solar Fiber wordt gedragen, zal het vast langzaamaan doordruppelen naar de confectiewinkels, zoals dat met elke trend gaat.’

Van Dongen is het met haar eens: ‘Er moet onderzoek gedaan worden naar wat de consument wil, hoe ver willen we bijvoorbeeld gaan in het dragen van elektronica in onze kleding? Bovendien moet het er wel mooi uitzien; het gaat niet alleen om de technische snufjes, de esthetische kant vind ik ook erg belangrijk. Technici kunnen misschien kleding ontwerpen, maar niet alle kleding is mode. Daarom denk ik dat technici de modeontwerpers voorlopig niet zullen vervangen.’

Dit artikel verschijnt ook in de vpro gids.