Oude beving ontrafeld

Zwitserland zal opnieuw schudden

De verwoesting van Basel in 1356, op een houtsnede van twee eeuwen later (foto NISEE/EERC)
Zoom
De verwoesting van Basel in 1356, op een houtsnede van twee eeuwen later (foto NISEE/EERC)

Op 18 oktober 1356 verwoestte een zware aardbeving in Zwitserland bijna de hele stad Basel. Ongeveer veertig zwaar gebouwde kastelen in de nabije omgeving stortten volledig in, en branden hielden wekenlang aan. Het is altijd een raadsel geweest hoe Midden-Europa door zo'n zware beving getroffen kon worden. Geologen denken nu het antwoord te hebben gevonden, en zij voorspellen dat het gebied ook in de toekomst zal gaan beven.

Eigenlijk zijn ze er een beetje trots op, de inwoners van Basel, dat pakweg een derde van de destijds 6000 inwoners van de stad in 1356 door de aardbeving omkwam. In elke toeristenfolder wordt de gebeurtenis verteld, samen met het verhaal dat de tijden toch al zwaar waren door de pest en het uitzonderlijk koude klimaat met slechte oogsten. Toch kwam Basel er steeds weer bovenop, aldus de folders. Dat is dan mooi, want de stad kan in de toekomst op nieuwe klappen rekenen. Franse en Zwitserse geologen hebben ontdekt dat onder de buitenwijken en in de naburige bossen enkele breuken in de aardkorst zitten die tot dusver onbekend waren. De onderzoekers kwamen de breuken op het spoor toen ze lucht- en satellietfoto's bestudeerden. Daarop was een acht kilometer lange verheffing van de grond te zien, die een hoogteverschil van zo'n vijftig meter kent. Waren dat de resten van een aardbeving, of alleen maar van de een of andere landverzakking? Op zoek naar aanwijzingen, kwamen de geologen in contact met archeologen, die bij de grondverheffing juist een opgraving verrichtten. Daar leek een oude afzetting van de Rijn plotseling over te gaan in kersvers sediment. De geologen gingen daarna zelf graven, en ontdekten meer scherpe overgangen. In het tijdschrift Science schrijven ze die toe aan de activiteit van breuken, die de grond aan de ene kant van de verheffing schoksgewijs naar beneden 'trekt'. De andere kant blijft op zijn plaats, zodat de oude afzettingen daar grenzen aan het jonge sediment, dat na de beving door de Rijn werd neergelegd. In het verleden zijn naast de beving van 1356 nog tenminste twee andere zware schokken geweest, stellen de onderzoekers. En omdat er dode planten op de afzettingsovergangen lagen, weten ze globaal wanneer de aardbevingen plaatsvonden - planten zijn dateerbaar, omdat ze tijdens hun leven een radioactieve vorm van koolstof opnemen, dat daarna in een vast tempo vervalt. Meten hoeveel daar nu nog van over is, geeft een betrouwbare leeftijd aan. De drie bevingen hebben zich in de afgelopen 8500 jaar voorgedaan, luidt de conclusie. Dat betekent dat het gebied eens in de 1500 tot 2500 jaar een klap kan verwachten. De volgende zou dus over pakweg 10 eeuwen kunnen volgen - of eerder, want de onderzoekers denken dat er nog wel meer breuken zijn. Onmerkbaar zakt de grond rond Basel gemiddeld met 0,2 millimeter per jaar weg, wat over honderden jaren gevolgen moet hebben. Dat de aardbevingen in netjes voorspelbare perioden blijven optreden, lijkt onwaarschijnlijk. Collega's van de geologen zijn verheugd over de ontdekking. Midden- en Noord-Europa worden doorgaans alleen door lichte bevingen getroffen, die weinig sporen nalaten. Het zoeken naar actieve breuken is daardoor lastig, en de vraag of er misschien bevingsbestand gebouwd moet worden is eigenlijk niet te beantwoorden. Maar de Zwitserse Seismologische Dienst is nu van mening dat voorzorgsmaatregelen geen luxe zijn, en dat er nieuwe bouwvoorschriften moeten worden opgesteld. Marc Koenen Mustapha Meghraoui et. al.: Active Normal Faulting in the Upper Rhine Graben and Paleoseismic Identification of the 1356 Basel Earthquake. In: Science, vol. 293, p. 2070 (14 september 2001).

reacties