Als de leeuw brult

Vallen de sterren of niet?

De Leonidenregen uit 1833 boven de Niagara-watervallen
Vergroten
De Leonidenregen uit 1833 boven de Niagara-watervallen

Op 18 november aanstaande bestaat de kans dat enkele satellieten rond de aarde uitvallen. De Leoniden - een jaarlijks terugkerende meteorietenregen - zullen dan naar verwachting zo talrijk zijn, dat ze tenminste een handvol kunstmanen verwoesten. Maar het is ook mogelijk dat de sterrenkundigen er helemaal naast zitten, en er niets gebeurt.

Het worden spannende nachten, half november. Astronomen vertrekken dan naar plaatsen over de hele wereld waar de kans op bewolking minimaal is. Zij hopen op een vurig spektakel van duizenden vallende sterren, de Leoniden, die uit het sterrenbeeld Leeuw lijken te springen. In werkelijkheid zijn het echter stofdeeltjes die afkomstig zijn van de komeet Temple-Tuttle. Eens in de 33 jaar vliegt die tussen de aarde en de zon door. De zonnewarmte doet de komeet langzaam verdampen, wat een miljoenen kilometers lang stofspoor produceert. Vliegt de aarde daar doorheen, dan verbranden de deeltjes in een flits van een seconde. Maar het zijn onvoorspelbare jongens, die Leoniden. Omdat Temple-Tuttle al ver voor de mensenheugenis de aarde periodiek bezocht, stikt het van de oude stofsporen die hij achterliet. Dit jaar, zo is de verwachting, zal met name het stof van de passages uit 1766 en 1799 verbranden, enkele uren later gevolgd door sporen die in 1633, 1666, 1699, 1833 en 1866 ontstonden. Voorspellingen worden echter al sinds 1866 gedaan, maar pas in november 1999 kwam die voor het eerst uit: toen werden, zoals voorzien, op het hoogtepunt meer dan 3000 vallende sterren per uur geteld. De Leoniden laten zich zo moeilijk voorspellen, omdat ze zich amper in het keurslijf van rekenmodellen laten persen. Zon en planeten trekken voortdurend aan de stofsporen, zodat hun positie slechts met grote onzekerheid is vast te stellen. Soms ligt het gros van de deeltjes in november wat verder van de aarde verwijderd, zodat het aantal vallende sterren dan nauwelijks afwijkt van een normale avond. Toch hebben de sterrenkundigen Peter Brown en Bill Cooke zich weer aan een voorspelling gewaagd. Op 18 november van dit jaar, schrijven ze in een Brits astronomisch tijdschrift, zal er een grote 'uitbarsting' van vallende sterren verschijnen. Het zijn er zoveel, dat ze een bedreiging zullen zijn voor de duizenden satellieten die er rond de aarde draaien. De inslag van een enkel stofdeeltje kan al fataal zijn. Zijn snelheid bedraagt een kleine 250.000 kilometer per uur, en veel van die energie wordt bij de botsing omgezet in warmte. Het stofdeeltje verdampt en valt uiteen in geladen deeltjes die kortsluiting maken met de elektronica van de satelliet. Pats! Weg televisiebeeld, telefoonverbinding, of ander signaal dat kunstmanen doorgeven. De Leoniden van 18 november, vervolgen de astronomen, komen in twee pieken, wanneer er per vierkante kilometer hemel tien vallende sterren oplichten. In Nederland zal dat echter goeddeels ongemerkt voorbijgaan - de eerste piek treedt rond twaalf uur 's middags onze tijd op, de tweede om pakweg half zeven in de avond. Dan is het weliswaar al donker, maar staat het sterrenbeeld leeuw nog onder de horizon. Toch loont het de moeite later wel te kijken, omdat er dan nog steeds een grote kans bestaat meer vallende sterren dan normaal te zien. Nog een laatste tip: in 1998 werden sterrenkundigen in de media uitgelachen omdat er behoorlijk veel aandacht voor hun voorspellingen was. Het hoogtepunt, zo was voorzien, zou op 17 november 's avonds plaatsvinden. Maar terwijl zij zich die dag voor de waarnemingen klaarmaakten, rapporteerden anderen 's ochtends vroeg al een spektakeltje te hebben gezien. Later bleek dat de voorspellingen er twaalf uur naast hadden gezeten. Dat Brown en Cooke de uitbarsting dit jaar op 18 november voorzien, mag dan ook niemand ervan weerhouden ook op de 17e en de 19e de hemel in de gaten te houden. Het sterrenbeeld leeuw verschijnt op die dagen rond 23 uur boven de horizon. Marc Koenen P. Brown & B. Cooke: Model predictions for the 2001 Leonids and implications for Earth-orbiting satellites. In: Monthly Notices of the Royal Astronomical Society, vol. 326, L. 19 (september 2001).

reacties